real money casino app australia best

Als je ‘De Vrije Ruimte’ heet, wil je natuurlijk ook voldoende ruimte hebben waarin kinderen en jongeren zich kunnen ontwikkelen. Iedereen dicht op elkaar leidt tot irritatie. En soms was dat wel zo, in de niet al te brede gang van de voormalige pastorie waar onze school in huist. Waarom leerlingen juist die plek uitkozen om met elkaar op een kluitje te gaan staan of om eens lekker erdoorheen te rennen, werd ons, begeleiders niet altijd duidelijk.

Nu is dat anders. We hebben meer ruimte gekregen. Het gebouwtje achter ons, een voormalige naschoolse opvang, mogen we in gebruik nemen. Zo gezegd, zo gedaan: een deel van de schutting -die ons van het gebouw scheidde- eruit, een stuk tuin en een flinke binnen-oppervlakte erbij. Mooie linoleumvloeren; een eigen, twee keer zo grote, ruimte voor tekenleraar Damir. Ook minstens een verdubbeling van de speelruimte, die zich voortaan in het nieuwe gebouw (een naam moeten we nog verzinnen) bevindt. Verder een fantastische woonkamer waar ook geknutseld kan worden, een rustruimte en een ruimte die ingericht gaat worden als scheikunde-lab. Het oude gebouw is er om rustig te werken, lessen te volgen, spellen te spelen in de woonkamer daar, die nu bedoeld is voor oudere kinderen.

Het is nog even wennen. Rennend komt een aantal meiden het voormalige atelier (nu directie-ruimte) binnen om ballonnen met water te vullen. Sorry, dat is echt niet meer de bedoeling! “Waar kunnen we dan water halen?” In de bijkeuken blijkt ook een grote kraan te zitten, gelukkig. De extra tuin word gebruikt om te bouwen, forten en winkeltjes. En ook binnen, in de speelruimte is bouwen (treinbanen, muurtjes, torens, een kunstwerk) veruit favoriet. Naast gezellig samen tekenen, verven, zaaien, kikkervisjes voeren, restaurantje spelen. Meer ruimte zorgt voor meer en andersoortig spel. Je loopt elkaar niet meer zo gauw in de weg. Fijn om zo steeds meer jezelf te kunnen zijn.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Wandelvakantie

Alweer even geleden, in de voorjaarsvakantie, gingen we op wandelvakantie. Zes leerlingen en drie begeleiders van De Vrije Ruimte. Om 9:03 met de trein van Den Haag naar Meppel, daarna met de bus naar Ruinen. En vanaf daar: wandelen maar. 16 kilometer naar het Hunehuis in Darp. Ieder uur een pauze voor een handje nootjes/boterham/oreo-koekje en een slokje water, benen strekken, tenen bewegen en weer verder. Dat werkte voortreffelijk. We liepen door bos en hei, een dorp, langs water, met stralende zon en onze jassen in de tassen.

Precies om 17 uur kwamen we aan in het Hunehuis. Wat een fijne plek! Uitzicht op heide, rust en stilte. Bedden opmaken, tassen uitpakken, eten koken in de enorme keuken. De pasta met veel groenten smaakte prima. Thee drinken, koekjes eten, (voor)lezen, sudoku’s maken, vriendjes vinden om mee te spelen (Julo). Lekker slapen, ontbijten, twee hunebedden ontdekken en verder de hele dag een beetje kletsen, spelen, lezen, wandelen, borrelen en daarna samen koken, opruimen en afwassen.

Op tijd naar bed, want de dag erna is een wandeltocht van 11 kilometer gepland, naar station Steenwijk. Weer een mooie tocht over de hei en door het bos en langs de wallen van het vestingstadje Steenwijk. En weer prachtig weer. Wat een bof. We lopen en rusten en zien Julo haast slapend de tocht volbrengen. In de trein heeft hij alweer praatjes, lees ik aan Jade de laatste hoofdstukken van Wolfje voor en zijn de anderen rustig aan het kletsen. Heerlijk zo’n driedaagse minivakantie, die veel langer lijkt omdat alles anders is. Wat mij betreft zeker voor herhaling vatbaar.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Een nieuw rooster

Na de kerstvakantie begint bij ons periode 2. Tijd voor een nieuw rooster. Want al lijkt het aanbod op dat van de eerste periode, toch zijn er een paar veranderingen. Zo zijn er nieuwe activiteiten bijgekomen (schaatsen, kunst kijken, reis door je lichaam) en andere er af gegaan (judo).  Myriam en ik hebben voor onze leerlingen een plannetje gemaakt dat we met hen gaan bespreken. Zo weten ze waar ze naar toe kunnen werken dit jaar; bijvoorbeeld het afronden van groep 4 en alvast beginnen aan groep 5.

De leerlingen zijn inmiddels oud genoeg om zelf hun roosters te schrijven. Maandagkring heeft iedereen. Daarna werkbegeleiding, waar ze taal en rekenen kunnen oefenen. Vijf keer per week kunnen ze dat doen, en soms vergt het wat onderhandeling om ze ervan te overtuigen dat minstens drie keer per week een uurtje werken aan taal en rekenen best een goed idee is als je negen bent. ‘Hoe is alles ontstaan’, waarin Casimir uitlegt hoe een bepaald fenomeen of voorwerp eigenlijk in de wereld is gekomen, willen de meesten graag doen. En ook een of twee tekenlessen per week. Gitaarles en geschiedenis, tafels oefenen en ontleden en lekker een boek lezen of een spelletje doen (maar dat hoeft niet per se op het rooster, tussendoor is daar tijd genoeg voor), zo wordt het rooster gevuld. En schaatsen natuurlijk, in de Uithof, dat kiest bijna iedereen.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties