Alle artikelen | april, 2010

Puntje op de i

Woensdag 28 april. Schuin omhoog, naar beneden, kleine bocht, stop – puntje erop. Zo luidt de omschrijving van de aan-elkaar-letter i. Voordat we deze gingen schrijven in het nieuwe schrijfboekje van Zwart-op-Wit, bedenken we eerst woorden met de letter i. "Ik", zegt Yanna, ‘Kip", zegt Zita. Met magneetletters maken ze de woorden op de deuren van de kast. Soms is het moeilijk om de letter goed te benoemen. "De bi?"vraagt Yanna, als ik vraag naar de eerste letter van het woordje bil, dat ze wil neerleggen. En de l, die hoor je bijna niet. We vinden zit en pis, en Zita maakt de zin Kim is kip. Ze schrijft hem meteen in haar schrift en zegt: "Die ga ik opsturen naar mijn nichtje, die heet ook Kim."

De i aan elkaar maken we eerst groot, met heel veel kleuren wasco, zodat de op en neer gaande beweging verankerd wordt in je lijf. Zita is een beetje verbaasd dat er zoveel strepen aan de i zitten. Het was toch gewoon een rechte lijn met een puntje erop? Ja, dat klopt, maar met deze letter i kun je straks veel sneller schrijven. Je kunt dan alle letters aan elkaar schrijven, en hoeft niet steeds je pen van het papier te halen. De i is trouwens een kamer-letter (helemaal tussen de lijntjes geschreven), alleen het puntje woont op zolder. Zo zijn er straks ook zolder- (lussen omhoog) en kelderletters (lussen naar beneden). Maar eerst die i maar eens lekker inslijpen en veel woorden er mee bedenken om zelf te kunnen lezen.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Citotoets

Maandag 26 april. De tweede week van de Cito-entreetoets. Emma, Robin, Job, Gijs en Mees doen mee. Het is stil in de gang. Er hangt een briefje op de dichte deur: Cito, stilte a.u.b. en het werkt. Ze werken rustig en geconcentreerd aan hun taken in de ochtend. Ik help Job, voor wie de toets nog niet in braille of op cd beschikbaar is, door hem voor te lezen. Eerst de taaltaak: verhalen van kinderen die hun tekst nog niet helemaal goed hebben geschreven. Ik lees het verhaal en dan de vragen. Job luistert goed en geeft antwoord, meestal het goede. We gaan door met rekenen. Soms lastig, omdat er plaatjes bij horen. Ik probeer het zo goed mogelijk uit te leggen, en vraag hem ook naar de berekening van de som. Wanneer hij het antwoord heeft gegeven, vertel ik hem, als dat nodig is, hoe je de som anders uit zou kunnen rekenen. Zo leert hij er ook nog wat van.

De andere, jongere, nieuwere, kinderen vermaken zich in speeltuin, met tekenen, gaan zelf rekenen of schrijven. Wat een rust ineens. Het lijkt alsof opeens alles vanzelf gaat. Hoe zou dat nu komen?

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Vuurdagen (2)

Vrijdag 23 april. Een korte nacht, want om 7 uur worden we gewekt voor ontbijt met ei. We maken een lunchpakket om mee te nemen naar de paarden in Delfgauw (www.hofstedeoostrijk.nl), waar we al om 9 uur moeten zijn. Het lukt! Een hartelijk welkom met koffie, limonade en Haagse Kakker. Een korte uitleg en dan mogen we naar de paarden. In de eerste stal staan paarden die nog moeten wennen hier, en dat merk je. Sommigen zijn onrustig en erg nieuwsgierig. In de tweede stal is het rustiger; deze paarden zijn hier al langer en kijken niet meer op van een groepje kinderen. Wij gaan de bak in met het paard Iris en paardencoach Corinne. Met zijn allen houden we Iris tegen, zodat ze niet van het gras gaat eten. Goede samenwerking! Daarvoor moesten we zorgen dat ze niet uit de cirkel van touw ging waar ze in stond. Dat was moeilijker, ze zag een gat tussen Paula en Cem en draafde er doorheen.

Daarna mogen groepjes kinderen Iris een rondje laten lopen (hoe krijg je een paard in beweging?) en komen individuele kinderen bij Iris in de bak om te proberen contact met haar te maken. Dit smaakt naar meer, je zou eigenlijk alle kinderen met 1 paard in een bak willen zien, en kijken hoe het paard daarop reageert. Maar het is tijd voor de lunch, en daarna gaan we terug voor een afsluitende ronde.

Op ieder vel met intelligenties heeft Claudia gezet: "Dit wil ik ook leren". Je weet nu wat je kunt, maar wat zou je nog heel graag willen leren? Weer gaan we alle soorten ‘knap’ langs. "Ik wil mezelf wel leren kennen", "Ik wil sommen boven de 10 kunnen maken", "Ik wil natuurknap worden, en eigenlijk ben ik dat nu al een beetje geworden hier", zegt Yanna. Kinderen weten heel goed van zichzelf wat ze al kunnen en wat ze nog willen leren. Het is bijzonder dat ze dat ook zo goed duidelijk kunnen maken. Het waren fijne vuurdagen waarin iedereen het vuur in zichzelf weer heeft ontdekt.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties