Alle artikelen | maart, 2014

directions to casino

spelen met stenen 008

Begin maart. Het zijn mooie dagen in deze vroege lente. We zijn buiten. Isham is er, en Keiro en Dechen. Isham gooit stoeptegels op elkaar.  De onderste gaat kapot, valt in brokstukken uiteen. Dechen en Keiro zijn enthousiast. Ze bekijken de binnenkanten van de stukken. Mooie stenen! Een klein wit steentje is losgeraakt en wordt zorgvuldig in een zakje gedaan. Ik krijg een steen met glitters aangeboden: “Die kun je op de vensterbank leggen.” Zelf steken ze een aantal stenen in hun zak. Wat is Isham eigenlijk aan het doen? Zomaar stenen aan het gooien en kijken wat er gebeurt?

Een dag later hoor ik zijn plan. “Ik wil een fontein maken!” De stukgeslagen stenen zijn bedoeld als de binnenkant van de fontein. Met cement wil hij de stukken aan elkaar maken. Een leiding vanuit het souterrain moet zorgen voor de watervoorziening. Een filter om te zorgen dat het water telkens opnieuw gebruikt kan worden. Bart, vader van Jozua en Laila, komt langs: “Je hebt wel een pomp nodig om het water op te pompen.” Onmiddellijk tekent Isham een pomp in zijn ontwerp. Hij heeft helemaal in zijn hoofd hoe het uitgevoerd moet worden. Een handige ouder of een architect zou volgens hem nodig zijn om te zorgen dat het lukt. De kosten? “Misschien willen ze het wel gratis doen voor onze school.”

Wat kinderspel leek (stenen kapot gooien) verbergt een hele gedachtegang (een fontein bouwen). Een plan wat past bij wat de tuincommissie aan het doen is: een ontwerp voor een nieuwe tuin maken. Isham kan het bij hen inbrengen, vertellen en tekenen wat hij wil en dan, later, het uitvoeren met hen. Of de fontein er werkelijk komt? Ik denk dat het het proberen waard is om hem te gaan bouwen. De voorbereidingen zijn al getroffen!

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Kiezen voor strafregels

Eind februari. Het speelde zich af net voor de voorjaarsvakantie. Een jongen van 14 werd ingebracht in de bemiddelingskring. Wat was er gebeurd? “Ik zat achter mijn laptop en toen ging hij steeds met mij stoeien”, vertelt Bjorn. “Hij luisterde niet naar STOP.” Er zijn meerdere getuigen.  Zij bevestigen het verhaal van Bjorn en komen met eigen verhalen waarin deze jongen niet naar stop luisterde. “Hij gaat altijd maar door.”

“Wat helpt jou”, vraag ik aan de betrokkene, “om wel naar de stop te luisteren?” Hij weet het niet. Anderen komen met oplossingen. Een consequentie voor het niet naleven van de regel: STOP = STOP. “Een week niet in de chillroom …. of niet in de woonkamer komen … een week lang tafels afruimen … strafregels schrijven… ” We gaan door op het laatste, strafregels schrijven. Wat dan? En hoeveel? “Ik luister naar stop”, zou dat hem kunnen helpen? Als je iets heel vaak schrijft gaat het in je lijf zitten, en ga je het misschien vanzelf wel toepassen. De jongen hoort de discussie aan. We leggen hem de keus voor:

  • 1 week niet in de chillroom komen
  • 1 week niet in de woonkamer komen
  • 1 week afruimen
  • strafregels schrijven

Strafregels schrijven lijkt hem het beste. Dat kiest hij. Hoeveel dan? Vijftig, dat vindt iedereen een mooi aantal.

Een half uurtje later laat hij mij zijn schrift zien met daarin 50 keer onder elkaar geschreven: Ik luister naar stop. We hopen dat het hem helpt om inderdaad de volgende keer naar STOP te luisteren. Het kan, hij heeft immers zelf voor deze maatregel gekozen.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties