Alle artikelen | april, 2016

Als lezen niet vanzelf gaat

Begin april is het. Veel kinderen bij ons op school leren het lezen haast vanzelf. Dat gaat zo: op een gegeven moment interesseren ze zich steeds meer voor letters en woorden die ze zien, vragen: ‘Wat staat daar? Welke letter is dat?’ Ze leren de letters herkennen en gaan begrijpen dat aan elkaar geplakte letters een woord vormen (het helpt als je zegt: [h]  in plaats van [ha] en [r] in plaats van [er] om van de letters woorden te maken). Opeens zien ze overal om zich heen woorden die ze kunnen lezen, op aanplakbiljetten, posters, flyers. Spontaan lezen ze de woorden en korte teksten en merken: Hé, ik kan lezen. De volgende stap is voorlezen aan een ander, iemand die het misschien nog niet kan, om te laten horen wat er staat. Het wonder is geschied.

Niet bij iedereen gaat het zo. Sommigen hebben moeite met het uit elkaar houden van de letters. De p, b, d en q lijken erg op elkaar als je beelddenker bent (de vorm is bij deze vier letters immers steeds dezelfde, alleen de richting en de plaats van het bolletje verschilt). En de klinkers o en oo zijn nog wel gemakkelijk te onthouden, maar de tweetekenklanken als ei, eu, ui,  ou lijken toch best op elkaar en hoe weet je nou hoe je die uit moet spreken? Oefenen, oefenen, oefenen, op veel verschillende manieren, zodat leren lezen toch nog leuk blijft. Een plaatje van een neus, om je de eu te herinneren, van hout om de ou te weten en van een muis om aan de ui te denken. Woorden schrijven, maar ze eerst neerleggen, zodat je kunt afkijken hoe je ze schrijft. Werken in werkboekjes waarin korte zinnetjes staan met steeds dezelfde klank, zodat het niet anders kan dan dat je ze op het eind kunt lezen. Flitsen van klanken en woorden. En, verrassend, een eigenlijk te moeilijk boek uitkiezen om te lezen. Ik had het niet bedacht, ze komt er zelf mee: Dolfje Weerwolfje. Een boek dat haar aanspreekt, dat ze graag wil kunnen lezen. We lezen het samen, om de beurt een zin. Ik help met moeilijke woorden en het lukt! Ook woorden die, als ze los zouden staan, lastig zouden zijn, gaan opeens verrassend goed. Ik ben blij en neem me voor om nog meer te luisteren naar wat een leerling zelf aangeeft. Ingaan op hun eigen ideeën werpt vruchten af.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Van slag

20160407_105233

Donderdag 7 april. Techniektoernooi in Delft, van alle groepen gaat een team er naar toe om te laten zien wat ze kunnen. Een prijs voor Luc en Brecht met de leeglopende zandlopers. Gefeliciteerd! De zanderige belletjes, de waterklok en de vertraagde wekker deden het ook goed, maar kregen (helaas) geen prijs. Ik was er niet bij. Ik bleef op school met de kinderen die niet meegingen. Een beetje verdwaasd liepen deze rond: “Waar is Tycho?” “Bij het techniektoernooi, in Delft.” “Waar is dat? Is dat hier?” Isaac wist even niet wat hij moest beginnen zonder zijn vriend en maatje in het bouwen met kapla en het opstellen van legers met Riskpoppetjes. Dat duurde tot na het tienuurtje. Opeens kwam er leven in zijn handelen en werd het doelgericht. Een restaurant ontstond en ik werd bediend. Een broodje ei met sla en een beker jus d’orange.  Heerlijk! Andere jongens deden mee. Isaac had zijn weg weer gevonden.

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties

Riskpoppetjes

DSC09144

Ea stopt de poppetjes uit zijn la in het blik

De eerste week van april. Hoe lang zijn ze er al mee bezig? Het begon op een vrijdag in maart, eind van de middag. Ea (5) had de doos Risk gevonden en alle poppetjes, tanks en andere attributen er uit gehaald en opgesteld op de onderste plank in de kast in de woonkamer. Toen zijn vader hem op kwam halen, was Ea nog lang niet klaar. Hij wilde wel alle poppetjes opbergen in een groot blik, zodat hij maandag weer verder kon spelen hiermee. Die maandag en alle dagen daarop blijken meer vijf- zes- en zevenjarige jongetjes geïnteresseerd in de mogelijkheden om met de Risk-soldaten, tanks, bases te spelen. Ze stellen legers op tegenover elkaar, verzinnen namen: tovenaar, buggy. Ieder heeft zijn eigen kwaliteiten en mogelijkheden. Een verdedigingslinie, een boot die bescherming behoeft. Het spel verandert steeds, wordt uitgebreid of juist weer kleiner.

DSC09148   DSC09147

in de bouwhoek constructies van kapla bouwen, die de legers moeten beschermen

De poppetjes bewaren ze in plastic zakjes in hun la tot ze er de volgende dag weer mee gaan spelen.  Ik laat het zo en kijk hoe ze hun fantasie gebruiken om nieuwe dingen te bedenken. Het bord komt erbij, een nieuwe rol voor iemand. Ruzie maken ze niet. Samen verzinnen ze het spel iedere dag opnieuw. Ze krijgen er geen genoeg van. Tot ze vinden dat  het tijd wordt om  naar buiten te gaan en zelf die ridder, soldaat of wapenhandelaar te worden en met elkaar te spelen wat ze daarvoor met de poppetjes deden: afspraken makend, rennend, stoeiend en zich verstoppend.

20160401_090331   20160401_095659

boot en bord brengen nieuwe elementen in het spel

Vind je dit een leuk bericht? Deel het!
0 reacties